Terminologie 1
Duidelijk komt in het Nieuwe Testament het begrip ‘gedoopt worden in de Heilige Geest’ naar voren. Johannes de Doper gebruikte het. Vervolgens was het de Meester zelf die deze uitspraak bevestigde. Later accepteerde de eerste gemeente deze uitdrukking bij monde van de apostel Petrus, om de ervaring te omschrijven die elk van de eerste gelovigen ontving.
Johannes de Doper:
‘Ik doop u met water tot bekering, maar Hij, die na mij komt, is sterker dan ik; ik ben niet waardig Hem zijn schoenen na te dragen; die zal u dopen met de Heilige Geest en met vuur’ (Matth. 3:11).
Deze uitspraak van Johannes de Doper over de bediening van Jezus werd door elk van de evangelisten van zulk een groot belang geacht, dat elk van hen er aantekening van maakte (vergelijk Marc. 1:8, Luc. 3:16 en Joh. 1:33).
Jezus:
Sprekend over de vervulling met de Heilige Geest die ze enkele dagen later ervaren zouden, herinnerde Jezus zijn leerlingen aan de uitspraak van zijn voorloper:
‘Want Johannes doopte met water, maar u zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen na deze’ (Hand. 1:5).
Petrus:
Later, toen de apostel Petrus zijn collega’s vertelde hoe de Heilige Geest ook over de heidenen gekomen was, vereenzelvigde hij deze ervaring met de woorden van Jezus over de aankondiging van Johannes de Doper.
‘En toen ik begonnen was te spreken, viel de Heilige Geest op hen, zoals in het begin ook op ons. En ik herinnerde mij het woord van de Heer, hoe Hij zei: Johannes doopte wel met water, maar u zult met de Heilige Geest gedoopt worden’ (Hand. 11:15,16).
Het begrip ‘doop in de Heilige Geest’ is een Bijbels gegeven. Vader, Zoon en Gods Heilige Geest gaven er hun fiat aan. De Vader openbaarde het aan Johannes de Doper. De Zoon bevestigde deze openbaring. De Heilige Geest bracht Petrus deze woorden van Jezus te binnen.
Een ervaring
Wat is nu de betekenis van de ‘doop in de Heilige Geest’? De Bijbel beschrijft het als een ervaring onder de eerste christenen, die gelijkenis vertoonde met wat de apostelen op de pinksterdag ervaarden. We noemen enkele kenmerken van deze ervaring:
Persoonlijk:
‘En Ik zal de Vader bidden en Hij zal u een andere Trooster geven om in eeuwigheid bij u te zijn, de Geest van de waarheid, die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet, maar u kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.’ (Joh. 14:16,17).
‘Maar Ik zeg u de waarheid: Het is beter voor u, dat Ik heenga. Want als Ik niet heenga, kan de Trooster niet tot u komen, maar als Ik heenga, zal Ik Hem tot u zenden’ (Joh. 16:7).
Plotseling:
Terwijl Petrus deze woorden nog sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het woord hoorden (Hand. 10:44). ‘En toen Paulus hun de handen oplegde, kwam de Heilige Geest over hen, en zij spraken in tongen en profeteerden’ (Hand. 19:6).
Waarneembaar:
‘Aan het einde der tijden, zegt God, zal ik over alle mensen mijn geest uitgieten. Dan zullen jullie zonen en dochters profeteren, jongeren zullen visioenen zien en oude mensen droomgezichten. Ja, over al mijn dienaren en dienaressen zal ik in die tijd mijn geest uitgieten, zodat ze zullen profeteren.’ (Hand. 2:17).
In geloof aanvaard:
‘Nu Hij dan door de rechterhand Gods verhoogd is en de belofte van de Heiligen Geest van de Vader ontvangen heeft, heeft Hij dit uitgestort, wat jullie zien en horen’ (Hand. 2:33).
‘En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren meegekomen, stonden verbaasd dat de gave van de Heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort, want zij hoorden hen spreken in tongen en God grootmaken’ (Hand. 10:45,46).
De doop in de Heilige Geest was een reëel gegeven onder de eerste christenen. Men verwachtte dat de gelovige deze ervaring ontvangen zou nadat hij Jezus als redder had aanvaard en in water was gedoopt.
‘En Petrus antwoordde hun: Bekeer u en een laat ieder van u zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en u zult de gave van de Heilige Geest ontvangen. Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen, die van ver zijn, zoveel als de Heer, onze God, ertoe roepen zal’ (Hand. 2:38,39).
VOOR VANDAAG?
Heeft God zijn kinderen van deze eeuw eenzelfde ervaring van de doop in de Geest bereid? We geloven dat dit inderdaad het geval is.
De belofte voor allen:
‘want voor u geldt deze belofte, evenals voor uw kinderen en voor allen die ver weg zijn en die de Heer, onze God, tot zich zal roepen.’ (Hand. 2:39).
De les van de Handelingen:
Het is van betekenis dat de Handelingen van de apostelen zo uitvoerig de ervaringen van de eerste christenen omschrijven. Deze beschrijving is méér dan geschiedenis. De Handelingen geven geen uitzonderlijke gevallen weer, maar omschrijven voorvallen die als voorbeeld kunnen dienen voor de ervaring van de gelovigen aller tijden.
‘Elk van God ingegeven Schriftwoord is ook nuttig om te onderrichten, te weer-leggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid,’ (2 Tim. 3:16).
De ervaring van de eerste christenen:
De Handelingen van de apostelen laten duidelijk zien wat de praktische betekenis van het begrip ‘doop in de Heilige Geest’ is. Het geeft vijf verschillende verslagen weer van de persoonlijke vervulling met de Heilige Geest onder de eerste christenen:
- Handelingen 2:1-4 – op de pinksterdag
- Handelingen 8:14-17 – in Samaria
- Handelingen 9:12-17 – de apostel Paulus
- Handelingen 10:44-48 – in het huis van Cornelius
- Handelingen 19:1-6 – in Efeze.
Al deze beschrijvingen zijn eenvoudig ‘voorbeelden’ van de ervaring zoals de eerste gelovigen die meemaakten. Zij begeleidden voortdurend de prediking van het Woord van God:
‘terwijl ook God getuigenis daaraan geeft door tekenen en wonderen en velerlei krachten en door de Heilige Geest toe te delen naar zijn wil’ (Hebr. 2:4).