De Bijbel
‘Wanneer u bij mijn woord blijft, bent u werkelijk mijn leerlingen,’ (Joh. 8:31), zegt Jezus
De Bijbel is de basis van het Christelijke geloof. Jezus Christus is het vleesgeworden Woord van God. (Joh. 1:1-4). Al Gods woorden worden door Hem werkelijkheid.
Wanneer wij ons bezighouden met de woorden van God, letten we erop, deze niet buiten Jezus Christus, of buiten het eeuwige voornemen en plan van God om, te verklaren. We dienen met name het Oude Testament daarom te verstaan onder de verlichting van de Heilige Geest en we vergelijken alles het met het evangelie van Jezus Christus en met de leer van de apostelen. Daarom kunnen wij de Woorden van God nooit afzonderlijk of los van Jezus Christus interpreteren. Paulus schrijft in 2 Tim. 3:16, 17, NBV:
‘Elk van God ingegeven Schriftwoord is ook nuttig om te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid, opdat de mens Gods volkomen zij, tot alle goed werk volkomen toegerust.’
Gods Geest wil het woord van God in je tot leven brengen. Jezus zegt: ’Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald; wanneer iemand dit brood eet zal hij eeuwig leven. En het brood dat ik zal geven voor het leven van de wereld, is mijn lichaam.’ (Joh. 6:51). Dagelijks het woord van God overdenken en in praktijk brengen is van levensbelang voor elke christen.
Onze weergegeven inzichten baseren we op al die woorden die door God geïnspireerd zijn in het Oude en Nieuwe Testament, welke samen de 66 boeken van de Bijbel vormen. Jezus Christus is de volledige openbaring van God (Hebr. 1:3) en daarom is ons uitgangspunt het evangelie van het koninkrijk der hemelen wat ons door Hem en zijn apostelen, op betrouwbare wijze is overgeleverd. (Matth. 13:35, Hand. 1:1-3, Ef. 3:4,5, Hebr. 2:3).
Daarin onderscheiden we:
Het koninkrijk van God: (Matth. 6:33, Marc. 4:11, Luc. 4:43, Rom. 14:17)
Het koninkrijk van satan: (Matth. 12:26, Luc. 11:18, Ef. 6;12)
Het Dodenrijk: (Matth. 16:18, Luc, 16:23, Hand. 2:31, Op. 1:18, Op. 20:13, 14)
Wij proberen zo veel mogelijk de tekst in hedendaags Nederlands weer te geven, zoals o.a. NBV, maar vullen soms aan uit vroegere vertalingen die ook gebaseerd zijn op de Septuaginta, de Vulgata of de Alexandrijnse teksten.