Het laatste oordeel
1. Aarde en hemel vluchten
Het laatste oordeel betreft de scheiding die in het dodenrijk tot stand wordt gebracht. Wij willen allereerst opmerken dat zich daar geen doden bevinden, die in Christus waren ontslapen. Dezen stonden immers op bij de eerste opstanding ten tijde van de wederkomst van de Mensenzoon vóór de slag van Harmágedon. Het gaat hier over de gestorvenen van alle eeuwen, die niet waren wedergeboren, dus over miljarden mensen vanaf Adam tot en met hen die met Gog en Magog ten onder gingen. [..]
2. De dossiers van de duivel
In het beeld dat de apostel ziet, worden de boeken geopend. Het zijn de boeken van de dood, waarin de namen zijn genoemd en de werken zijn opgesomd die de doden tot veroordeling leiden, maar er is ook een boek van het leven, waarin de namen en de werken zijn van hen, die niet in de poel van vuur worden geworpen, omdat deze doden nog leven claimen. [..]
3. De boeken geopend
In het duizendjarig vrederijk zijn alle mensen, die nog op aarde leefden, door de gemeente tot volkomenheid gebracht. Zij, die gehoorzaam gebleven zijn bij de laatste ‘stuiptrekking’ van de duivel, hebben hun plaats in de stad Gods ingenomen. Dit nieuwe Jeruzalem bestaat dus uit mensen, die tijdens hun aardse leven in Christus hebben geloofd, doch geen geestelijke strijd tegen de overheden en machten in de hemelse gewesten kenden en deze daardoor ook niet voerden. Zij zijn dus niet tot overwinnaars uitgegroeid. [..]
4. De eeuwige scheiding tussen goed en kwaad
In het laatste deel van het fundament van het christelijke geloof wordt over ‘een eeuwig oordeel’ gesproken. Evenals de opstanding van de doden, voltrekt zich dit als een proces dat naar de volkomenheid leidt: het is scheiding tussen het goede en het kwade, tussen licht en duisternis, tussen wat God toebehoort en wat van de duivel is. Door ‘een eeuwig oordeel’ werkt God zijn herstelplan met de mens en met de hele schepping uit. [..]
5. Het vonnis
Na de zondeval gaat God in het offensief, want Hij verklaart satan de oorlog en niet andersom! God doet dit door vijandschap te zetten tussen de slang en de vrouw, de duivel en de mens. Een geestelijke strijd komt op gang, waarvan bij God de uitslag al bekend is. Want Hij heeft niet alleen vijandschap gezet maar ook een vonnis uitgesproken: ‘Dit - het Zaad van de vrouw – zal u de kop vermorzelen’. [..]